Wednesday, 2 June, 2010
Marthe zit in het eerste leerjaar en mag vanaf nu ook een expo verzorgen. Cas heeft er vorig jaar een over ‘bijen’ gehouden, en dit jaar koos hij voor ‘lego’. De ‘eerstekes’ mogen gewoon iets over zichzelf vertellen. Maar Marthe wou het grondig doen en deed dus wat research [wat doet papa nu precies in de boekentoren?] en maakte een heuse schriftelijke voorbereiding.
Zoals het een professional betaamt repeteert ze haar voordracht al een paar avonden vlak voor het slapengaan, en dit voor een steeds wisselend publiek [deel uitmaken van een 'groot' gezin heeft dus ook wel voordelen].
Volgende week dinsdag is het zover. Geniet ondertussen al eens mee van haar schrijfsels.

Saturday, 10 April, 2010
Op zaterdagavond mogen de kinderen opblijven tot na ‘Dieren in nesten’. Vandaag was er een stukje over een rondleiding in het ‘dinomuseum’ in Brussel. Lena herkende het onmiddellijk en vertelde dan ook doodleuk: “Dat skelet aan de ingang is van een walvis, hé papa? De papa bevestigde dit, want hij was er ook bij toen ze een paar maand geleden met de klas op visite ging bij de dino’s.
“Wat doet dat skelet daar dan?” vroeg Marthe zich af, “Dat is toch geen dino?”
Ditmaal was het Cas die repliceerde: “Maar Marthe, dat museum is niet alleen over dino’s, maar ook over de prehistorie, de oertijd en andere oude dingen, … maar niet over opa en oma.”
Friday, 9 April, 2010
Lena had vandaag een zwierig bloemenrokje aan en vond dat, naar eigen zeggen, zeer ‘passelijk’ voor de lente.
‘s Namiddags, naar buiten gelokt door het mooie weer, maakte ze samen met Marthe lentegeur. Het recept is heel eenvoudig. Neem zoveel bloempjes van de geurige winterkamperfoelie als maar mag van je mama, plet die zorgvuldig en doe er wat water bij. Heel goed schudden en rijkelijk spuiten op armen en benen. Met een spuitbusje vol gingen ze zo al huppelend de tuin rond om alles een heerlijke lentegeur te bezorgen.
Ja, het doet wat met een mens, die eerste zonnige dagen.
Sunday, 28 February, 2010
Deze middag tijdens het eten zei Cas dat hij het raar vond dat papa de was ophing. Hij vond dat toch meer voor vrouwen. Meer had ik niet nodig voor een omstandige uitleg over zinloze stereotypen en voorbijgestreefde rolpatronen. Marthe trad mij onmiddellijk bij door te zeggen dat iedereen moet doen waar hij goed in is. En ze vertelde over de les zedenleer [of godsdienst-zedenleer, zoals ze maar blijft zeggen]:
Marthe: “We kregen een lijst met speelgoed en moesten de woorden kleuren: rood voor meisjes, blauw voor jongens en groen voor allebei en ik had alles in het groen gekleurd, want ik speel ook graag met lego en Cas speelt bijvoorbeeld ook graag met barbies, hé mama.”
Cas, zichtbaar gekrenkt in zijn mannelijkheid: “Marthe! Ik doe ze gewoon graag kleren aan!” Het werd even stil, je zag hem vertwijfeld nadenken en toen, vol ongeloof: “Je hebt dat toch niet in de klas verteld?”
Marthe: “Jawel, Cas, dat is toch niet erg. Niemand zal daar mee lachen, hoor! Gijs ook niet, want dat is uw vriend. Juf Ellen zei dat het heel flink was van mij dat ik u liet meespelen.”
En voor haar was de kous daarmee af. Maar Cas was er toch niet helemaal gerust in.