ziekjes
Gisteren zijn we wat te laat gaan slapen. Dat gebeurt al eens op een zaterdag, zeker als er een nieuwe Britse misdaadreeks met Kenneth Brannagh start en je denkt dat je ‘s anderendaags iets langer dan gewoonlijk in bed mag blijven liggen. Maar dat hadden we beter niet gedaan.
Om drie uur werd Finn wakker. Honger. Normaal drinkt hij zo’n 20 minuutjes om dan onmiddellijk weer in te slapen. Nu begon hij na 10 minuutjes te krijsen. Ja, krijsen. Ik gebruik dat woord niet vaak en Finn krijst normaalgezien nooit. Nu dus wel en hij was ontroostbaar. De pijn was van zijn gezicht af te lezen en een moederhart kan daar niet goed tegen, echt niet. Hij stampte met de beentjes, dus ik dacht aan darmkrampjes. De preisoep van de vorige dag was misschien toch niet zo’n goed idee. Ik dus in het holst van de nacht naar beneden om venkelthee te maken, wat na een tijdje gelukkig effect had. Tegen vier uur sliep hij weer en wij dus ook. Tot vijf uur. Het hele scenario begon opnieuw, met dat verschil dat de venkelthee nu al naast mijn bed stond. Tegen zes uur sliep hij weer en wij dus ook. Om zeven uur, je raadt het al, van hetzelfde laken een pak.
Toen we rond negen uur uit bed kwamen – bezoek van Lena’s meter rond 10 uur en naar oma’s ‘verjaardagsfeest’ tegen de middag – vond ik dat Finns hoofdje wat warm aanvoelde. Geert dacht dat het van het vele huilen kwam, maar de thermometer gaf mij gelijk: 38,4°C. Wellicht was de preisoep dan toch niet de boosdoener? Oorontsteking? Keelontsteking (zoals ik vorige week)? Een andere vreemde ziekte?
Even later waren we al op weg naar de dokter, Finn en ik, want bij zulke kleintjes neem je toch best niet teveel risico’s. De dokter vond geen aanwijsbare reden, maar stelde wel vast dat zijn buikje blijkbaar pijn deed. Misschien een darmontsteking? Misschien toch de soep en koorts door te weinig slaap? Misschien tijd voor een kakbroek? Ik heb dus weer eens aan de huisarts moeten uitleggen dat kindjes die lange tijd borstvoeding krijgen echt niet elke dag stoelgang maken, soms om de zoveel dagen, soms 1 keer in de week en dat dat perfect normaal is. Dat het dan helemaal niet consistent is zoals bij flesvoeding, maar nog steeds gele borstvoedingskak. Iedere keer bekijken ze mij alsof ze het horen donderen in Keulen. Gelukkig heb ik ervaring met borstvoeding, wat blijkbaar van de huisartsen van vandaag niet gezegd kan worden.
Enfin, afwachten is de boodschap, suppo’s tegen de pijn en de koorts en hopen dat de krampen overgaan. Intussen zijn de krampjes weg en de darmpjes leeg, maar de koorts blijft. Benieuwd wat het vannacht wordt. Maar deze keer pak ik het slimmer aan en kruip ik vroeg onder de wol. Slaapwel!













