Monday, 28 September, 2009
Volgende week wordt Cas 8. Op dinsdag heeft hij een feestje in zijn klas en op woensdag komen een aantal vriendjes thuis spelen. Wat het juist zal worden is nog een beetje afhankelijk van wat Frank of Sabine dit weekend te vertellen hebben. Graag had hij, zoals 2 jaar geleden, een soortement GO4 gehad. Voor hen die Ketnet ontgroeid zijn, GO4 is een kinderversie van “Fort Boyard” of “Fear Factor” of “Spel zonder grenzen”, dat zal u, beste kijker van “Bruussel Vloams”, nog wel kennen.
Omdat we niet alle kinderen uit de klas, laat staan de leefgroep, binnen krijgen is het feestje enkel voor de “genodigden”. Om deze op de hoogte te brengen van de ‘feestiviteiten’ maken we traditioneel een papieren uitnodiging. Meestal wordt er rond een thema gewerkt. Zo zijn volgende zaken al de revue gepasseerd [in willekeurige volgorde]: schildknapen en ridders, prinsen en prinsessen, elfjes, kabouters, vos en haas, …
Dit jaar werd geopteerd voor een “naturig” kaartje. We sleuren meestal nogal wat “mooie dingen” mee na een boswandeling: blaadjes, sparrewietels [denappels voor de niet-kenners], eikels en andere noten, leuk gevormde takjes, stukken schors, mosdekentjes,… Een groot deel ervan verdwijnt al snel ergens in de tuin, andere dingen krijgen een tweede leven in een “herfsttafereeltje” en soms raken dingen zoek. Zo dacht ik dat er in de telefoonboek, die al een paar jaar tussen de boekenpers in de living zit, blaadjes zaten, maar deze bleek helemaal leeg. Gelukkig wist Marijke me te vertellen dat de daarin gedroogde blaadjes netjes opgeborgen in een mapje zaten.
Nu nog enkel een tekstje verzinnen en daar het “beeld” bij plaatsen. Rijmen en dichten is ons niet gegeven, maar een klein tekstje in elkaar boxen lukt nog wel. De uitgezochte blaadjes [ze mochten niet te groot zijn] werden met spuitlijm bevestigd op de kaartjes waarop de tekstjes geprint waren.
Het resultaat van dit jaar vind je hieronder.






Sunday, 27 September, 2009

Aan heel wat dingen kan je merken dat de zomer op zijn laatste benen loopt. Niet dat ik daar rouwig om ben, we hebben een leuke en mooie zomer gehad, en de herfst is nog steeds mijn favoriete seizoen.
Waaraan merk je het zoal?
- als ik ‘s morgens de trein naar het werk neem is het nog behoorlijk donker en op schone dagen krijg ik [m'n twee meereizende collega's niet, want die kijken de andere richting uit] vaak een mooi kleurenpallet ergens boven het rangeerstation van Merelbeke
- de geuren veranderen en worden intenser: de geur van pas binnengehaalde mais, een houtvuurtje dat hier en daar al aangestoken wordt, de afgevallen bladeren, de kweeperen die zich met hun zoete geur zelfs blindelings laten vinden, de laatste rozen
- de zon die ‘s morgens bij het ontbijt [in het weekend wel te verstaan] net onder de overkapping van het houten terras komt piepen terwijl ze in de zomer bijna nooit rechtstreeks haar licht laat vallen op de door kinderhanden beduimelde schuifdeuren
- het feit dat op rommelmarkten het sierfruit, de pompoenen en okkernoten zowat een derde omvat van de uitgestalde waar
- je ‘s morgens best met één hand uitgestrekt voor je gezicht door de tuin loopt, anders raak je helemaal verstrikt in de kunstig geweven webben van de kruisspinnen
Herfst, de tijd van stoofpotjes, kolen, spruitjes, champignons en ander paddenstoelen, ragout, julkaka [Zweedse cake met heel veel gedroogde vruchten], boswandelingen,… Ik kijk er al naar uit.
Desalniettemin heb ik alvast een gelijk[w]aardige zomer besteld voor volgend jaar.
Wednesday, 23 September, 2009
Tijdens het spelen hoor je de meest fantastische gesprekken tussen de kinderen. Vandaag waren de meisjes bij Helena gaan spelen en Cas zijn vriend Remi was op bezoek. Ze speelden met de playmobil en ik hoor Remi aan Cas vragen wat hij het leukste vindt, sinterklaas, de kerstman of de paashaas. Beiden gaan voor de sint. En dan ontwikkelt er zich een onthullend gesprek:
Cas: Remi, denk jij dat de paashaas echt bestaat?
Remi: Nee, ik denk het niet.
Cas: Ah, dan weet je dat het je mama is.
Remi: Mijn mama? De paashaas MIJN mama?
Cas: Ja, jouw mama is de paashaas.
Remi: MIJN MAMA???
Cas: Of de mijne. De ouders leggen eieren in de tuin voor hun kindjes.
Daar was Remi even stil van. Zo op een banale woensdag je geloof verliezen is natuurlijk niet alles.
Ik: Remi, je mag dat zeker niet aan je kleine zus vertellen, want zij gelooft natuurlijk wel nog in de paashaas.
Remi: Helena? Pff, die gelooft zelfs nog in sneeuwwitje!
Tuesday, 22 September, 2009
Zoals al een hele tijd gaan we elke week zwemmen. We, dat was eerst Marthe en ik, tot Marthe haar 25m schoolslag brevet haalde. Daarna loste Cas haar af. Deze week was het Cas’ beurt om zijn brevet te halen. 3 lessen had hij maar nodig om de schoolslag onder de knie te krijgen. Hij had dan ook al een brevet 25m rugslag op zak, een brevet dat hij haalde toen het zwembad van Zottegem nog niet gesloten was voor renovatie.
Sindsdien zijn we uitgeweken naar Merelbeke, waar de kinderen les krijgen van Freya. Net niet individueel, maar wel behoorlijk intensief. Het verschil met de groepslessen in Zottegem is wel tamelijk groot, zeker voor wie nog niet zo goed kan zwemmen. In Zottegem zwommen de kinderen met moeite enkele baantjes tijdens de les terwijl Freya er aardig de pees op legt, op haar eigen lieve en kindvriendelijk manier wel te verstaan.
Vandaag zorgden buikstrubbelingen [ik weet het, moeder, het is een plaagje dat de ronde doet, Anita heeft het ook al gezegd] ervoor dat Cas alleen het bad in moest. Toch flink hoe een zevenjarige met een zwemzak en een stuk van een halve euro binnen gaat en even later in zwembroek [ze zat zelfs niet omgekeerd en hij had ze niet tot onder zijn oksels opgetrokken] op zoek gaat naar zijn zwemjuf.
Van achter mijn water- en het cafetariaglas zag ik hoe Freya na Cas’ eerste halve baantje naar de opperredder wees. Cas trok gezwind naar de ‘geelbloes’ en ik kon uit zijn gebaren opmaken dat hij klaar was voor zijn brevettocht. De gecrockte redder-in-nood gesticuleerde dat Cas van het startblok mocht duiken en zijn baantje mocht zwemmen, iets wat hij dan ook prompt deed. Fier als een gieter kwam hij zijn blad door het doorgeefluikje stoppen zodat ik ondertussen zijn ‘echte’ brevet kon afhalen aan de kassa.
Als beloning mocht Cas extra vaak door ‘de buis’, iets waar hij na de tweede glijbeurt een nieuwe vriend aan overhield die hem wat trucjes leerde.
Niet alleen Cas was fier, ook ik was zeer trots op mijn ik-ben-nog-geen-acht-en-trek-al-ferm-mijn-plan-zoon.
Sunday, 20 September, 2009
Gisteren zijn we wat te laat gaan slapen. Dat gebeurt al eens op een zaterdag, zeker als er een nieuwe Britse misdaadreeks met Kenneth Brannagh start en je denkt dat je ‘s anderendaags iets langer dan gewoonlijk in bed mag blijven liggen. Maar dat hadden we beter niet gedaan.
Om drie uur werd Finn wakker. Honger. Normaal drinkt hij zo’n 20 minuutjes om dan onmiddellijk weer in te slapen. Nu begon hij na 10 minuutjes te krijsen. Ja, krijsen. Ik gebruik dat woord niet vaak en Finn krijst normaalgezien nooit. Nu dus wel en hij was ontroostbaar. De pijn was van zijn gezicht af te lezen en een moederhart kan daar niet goed tegen, echt niet. Hij stampte met de beentjes, dus ik dacht aan darmkrampjes. De preisoep van de vorige dag was misschien toch niet zo’n goed idee. Ik dus in het holst van de nacht naar beneden om venkelthee te maken, wat na een tijdje gelukkig effect had. Tegen vier uur sliep hij weer en wij dus ook. Tot vijf uur. Het hele scenario begon opnieuw, met dat verschil dat de venkelthee nu al naast mijn bed stond. Tegen zes uur sliep hij weer en wij dus ook. Om zeven uur, je raadt het al, van hetzelfde laken een pak.
Toen we rond negen uur uit bed kwamen – bezoek van Lena’s meter rond 10 uur en naar oma’s ‘verjaardagsfeest’ tegen de middag – vond ik dat Finns hoofdje wat warm aanvoelde. Geert dacht dat het van het vele huilen kwam, maar de thermometer gaf mij gelijk: 38,4°C. Wellicht was de preisoep dan toch niet de boosdoener? Oorontsteking? Keelontsteking (zoals ik vorige week)? Een andere vreemde ziekte?
Even later waren we al op weg naar de dokter, Finn en ik, want bij zulke kleintjes neem je toch best niet teveel risico’s. De dokter vond geen aanwijsbare reden, maar stelde wel vast dat zijn buikje blijkbaar pijn deed. Misschien een darmontsteking? Misschien toch de soep en koorts door te weinig slaap? Misschien tijd voor een kakbroek? Ik heb dus weer eens aan de huisarts moeten uitleggen dat kindjes die lange tijd borstvoeding krijgen echt niet elke dag stoelgang maken, soms om de zoveel dagen, soms 1 keer in de week en dat dat perfect normaal is. Dat het dan helemaal niet consistent is zoals bij flesvoeding, maar nog steeds gele borstvoedingskak. Iedere keer bekijken ze mij alsof ze het horen donderen in Keulen. Gelukkig heb ik ervaring met borstvoeding, wat blijkbaar van de huisartsen van vandaag niet gezegd kan worden.
Enfin, afwachten is de boodschap, suppo’s tegen de pijn en de koorts en hopen dat de krampen overgaan. Intussen zijn de krampjes weg en de darmpjes leeg, maar de koorts blijft. Benieuwd wat het vannacht wordt. Maar deze keer pak ik het slimmer aan en kruip ik vroeg onder de wol. Slaapwel!