Category “kinders”

agenda

Sunday, 18 September, 2011

Toen onze kinderen nog kleiner waren luisterde ik altijd met veel verwondering naar de verhalen van vrienden met oudere kinderen. Maandag dictie, dinsdag muziekles, woensdag zwemmen, vrijdag judo en in het weekend scouts. Ik werd al moe bij de gedachte alleen al. Ik had medelijden met de ouders, die vaak chauffeur moesten spelen, en met de kinderen, die al op jonge leeftijd een agenda met afspraken te volgen hadden.

Maar zie, zoveel jaar later proberen ook wij de puzzel in elkaar te laten passen. Maandagavond circusschool voor Cas in Gent, dinsdag vanaf november yoga [nachools op school] voor Marthe en Lena, woensdagavond gitaarles voor Cas, donderdagavond zwemles voor alledrie [gelukkig maar tot december], vrijdagavond circusschool voor Marthe en Lena in Merelbeke, maandelijks één vergadering in de bib voor de kinder- en jeugdjury en af en toe in het weekend een JNM-activiteit. Ja, hun agenda is ook rijkelijk gevuld. Toen wij klein waren konden we kiezen tussen scouts, ballet en muziek, maar nu is het aanbod nagenoeg onbeperkt. Ik word er soms moe van, van het gepuzzel, het gerij, het bijhouden van alle afspraken. Gelukkig heeft de jongste nog niets in de pap te brokken.

Anderzijds zijn het ook echt leuke hobby’s, waar relatief weinig stress of competitie mee gemoeid gaat. Bovendien waak ik ervoor dat ze niets op woensdagnamiddag plannen en ook niet teveel in het weekend, zodat er voldoende tijd overblijft voor gewoon spelen en/of vervelen. Want vervelen, daar leert een kind uit, daar wordt het creatief van. En creatieve kinderen, die moet je stimuleren en die stuur je dan bijvoorbeeld naar de circusschool, de gitaarles, de JNM, …

de pot op !

Tuesday, 23 August, 2011

Ruim twee weken geleden vertelde ik terloops aan een vriendin dat Finn het potje in de badkamer compleet negeerde en er dus blijkbaar nog niet klaar voor was. Met zijn twee jaar en twee maanden hoefde het natuurlijk ook nog helemaal niet, ook al waren de drie oudsten rond deze tijd zindelijk.

20110613_finn_008Op weg naar huis bedacht ik dat ik het misschien ook niet echt aantrekkelijk gemaakt had voor hem, zo boven in de badkamer. De volgende dag haalde ik dus een reservepotje van de zolder en plaatste dat zonder er verder veel woorden aan vuil te maken in het toilet beneden. Tot mijn verbazing wou Finn erop gaan zitten. En er weer af. En er weer op, wel zo’n vijf keer. Toen ging de telefoon en terwijl ik aan het telefoneren was zag ik hem nog enkele keren erop en eraf gaan, tot hij plots trots zei ‘pipi daan’. En ja hoor, hij had door waarvoor het diende.

Deze aanzet mocht ik niet voorbij laten gaan, dus de luier werd uitgelaten en een stapel reservebroekjes werden uit de kast gehaald. De rest van de dag ging het supergoed, haast niet te geloven. Maar de dag erna had hij de ene natte broek na de andere. Waren we te hard van stapel gelopen? Dag drie was er één met wisselend succes, maar sindsdien zijn ongelukjes zeer schaars en mogen we fier stellen dat Finn zindelijk is. Zelfs ‘s nachts en tijdens zijn slaapje is hij meestal droog.

Een deel van de luiers is uitgedeeld, een deel blijft voorlopig in de kast voor onvoorziene omstandigheden en eentje ging op zolder in een doos, samen met wat kinderkleertjes waar ik geen afscheid kan van nemen. Want ook nostalgie is mij niet vreemd, zelfs niet bij zoiets alledaags als luiers. Zo kunnen de kinderen zich over pakweg 25 jaar vrolijk maken over die grappige luiers die zij gedragen hebben. En voor wie het zich afvraagt, het ‘herbruikbare luiersproject’ was een succesverhaal. Geen seconde spijt van gehad, behalve dat het iets meer tijd in beslag neemt zie ik alleen maar voordelen. Vandaar dat het ook met wat gemengde gevoelens is dat ik ze doorgeef, want het einde van het luiertijdperk betekent natuurlijk ook ons laatste ‘kleintje’ niet echt zo klein meer is.

goed gevuld

Monday, 1 August, 2011

De prijs voor meest esthetisch ontwerp zal de nieuwe goodbyn bynto niet winnen, daarom heb ik ook lang getwijfeld over deze aankoop. Maar zijn gebruiksvriendelijkheid wist me toch te overtuigen. Toen de kinderen eind juni thuiskwamen met een superrapport leek me dat dan ook de ideale gelegenheid en werd de bestelling bij Kudzu [een aanrader] geplaatst. Luttele dagen later bracht de postbode een verrassingspakket voor onze drie oudsten. Er werd wat gepalaverd over de kleuren [rood, paars en donkerblauw], maar ze kwamen tot een consensus en de bijgeleverde stickers werden gretig gebruikt om hem te versieren.

Waar heb ik het in godsnaam over, hoor ik jullie al denken. Wel, de goodbyn bynto is een brooddoos met 3 handige, apart afsluitbare vakken. Gedaan met roze boterhammen als er wat aardbeitjes als extraatje in de brooddoos zitten. Vanaf september wordt het vullen een feest en staan rauwe groenten, nootjes en gedroogde vruchten standaard op het middagmenu.

Verlangen we al weer naar school? Bijlange niet. De brooddoos wordt nu gebruikt als we picknicken in de tuin of met de fiets naar de speeltuin gaan. Het mag wat ons betreft dus nog lang zomeren.

goodbyn_bynto_01goodbyn_bynto_03goodbyn_bynto_02goodbyn_bynto_05goodbyn_bynto_06goodbyn_bynto_04

in uitgesteld relais

Sunday, 15 May, 2011

Stellen dat het hier de laatste maanden een beetje rustig was is een understatement. Neen, we hebben geen writer’s block en ja, we komen ons huis wel nog uit en ja, onze kinders steken nog altijd vanalles uit en ja, er wordt nog gebakken en gekokkereld, alleen, dit alles liet niet veel ruimte meer over om ‘s avonds nog te zitten bloggen. Vandaag is het communiefeest van nichtje T., maar Marthe ligt hier naast me in de zetel met 39° C. Een uitgelezen moment om eens wat bij te schrijven, dacht ik zo. Hieronder dan ook in uitgesteld relais een aantal korte verslagjes.

Djurdjevak

20110420_tryout_djurdjevak_188Facebookberichtje van P. ‘Of ik geen zin had om tijdens een try-out van Djurdjevak foto’s te nemen’. Vorig jaar, op het tuinfeest van J. had ik ook wat foto’s genomen en die vonden ze blijkbaar zo leuk dat ze me nog eens aan het werk wilde zetten. De locatie was passend: de zolder van de schuur van één van de mooiste boerderijen uit de omgeving. Ik vertrok wat vroeger om de locatie te checken en te bekijken wat de mogelijkheden waren naar licht toe en om de mannen tijdens hun repetitie al wat te kunnen fotograferen. Dan moet ik het publiek tijdens het eigenlijke optreden niet steeds storen. Het podium werd uitgelicht met twee indirect gerichte bouwverstralers, verre weg van ideaal, maar nog wel doenbaar. De rest van de zolder werd verlicht met hier en daar een lampje en wat theelichtjes.

Rond achten begon het voor de gelegenheid opgetrommelde publiek binnen te sijpelen. Kort daarvoor hadden de mannen hun beste kostuum bovengehaald, hun kam door hun wilde haren gehaald en hun instrumenten gestemd. Djurdjevak, samengesteld uit een papa van de leefschool, een papa van een ex-leefscholer, de buschauffeur/klusjesman van de leefschool en een violist, voorlopig zonder band met de leefschool, brengt een mix van gipsy en  Balkannummers, Django-geïnspireerde muziek en klezmer, gelardeerd met een streepje Drs. P. en de immer originele Hugo Matthysen. Dit met zeer veel overgave en altijd recht uit het hart. Hun naam, het Servisch voor ‘meiklokje’,  hebben ze overigens te danken aan een nummer van Bregovic.

Het werd een zeer geslaagde try-out, maar dat mag je niet echt verwonderen als je weet dat er in het publiek een paar ‘die hard’ leefscholers zaten. Oordeel zelf aan de hand van een aantal prentjes en een geluidsfragment dat nog dateert van de tijd dat ze zonder violist op baan waren.

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

20110420_tryout_djurdjevak_02420110420_tryout_djurdjevak_03720110420_tryout_djurdjevak_05420110420_tryout_djurdjevak_04820110420_tryout_djurdjevak_19820110420_tryout_djurdjevak_224

supervlieg

Al een aantal jaren vind je naast een aantal voorstellingen een vliegje terug, een soort kinderkeurmerk, de certus/biogarantie voor kindvriendelijke evenementen zeg maar. Wel, die mensen organiseren nu eens per jaar een supervlieg dag, verspreid over een aantal locaties en data. Zo streken ze op paasmaandag neer in Lemberge/Merelbeke. Het programma was goed gevuld en zag er veelbelovend uit. De knapzak werd dan ook al vroeg klaargemaakt en tegen het aanvangsuur stonden we paraat, samen met een stralend zonnetje dat de hele dag heerlijk zou blijven schijnen.

Na een paar stops waar het ‘s namiddags zeker aanschuiven zou worden [een tochtje rond de wei op de rug van een paard/pony, de schminkstand] kregen onze drie spruiten ruim de tijd op de stand van de circusplaneet om hun kunsten aan de trapeze en op de ton uit te testen. Bijgestaan door zeer vriendelijke instructrices overigens. Verder werden er in de voormiddag nog balletjes gevilt, het kinderparcours van de circusplaneet werd onveilig gemaakt en we genoten van de dolle fratsen van Latzi Jones, de trukendoos van de goochelaar en een aperitiefje van Merel. In de lommerte van de pastorijtuin werd de innerlijke mens verder gespijsd.

Na de middag stonden een aantal theatervoorstelling op het programma. “Een heel klein stemmetje in een heel klein doosje”, de pretentieloze verhaaltjes van de Constanten in hun caravan waren eerst aan de beurt. Leuk gebracht en in alle opzichten heel erg op kindermaat. Da/Fort van circ’ombelico was sterk. In een omgevormde oude Scania truck, op een speelvlak niet groter dan 2x2m werd door 2 acteurs/acrobaten en een hond een zeer poëtisch verhaal geschreven. Woordenloos, maar oh zo universeel. Klein maar oh zo groots. Als je ooit de kans krijgt, probeer het dan niet te missen. Omdat ze het speciaal vroegen [iets waar ik alle begrip voor heb overigens]  heb ik m’n camera onaangeroerd gelaten.

Andere koek aan de overzijde van het dorpje, in de tuin van het lokale schooltje. Een oversteek die desgewenst per paardenkar of go-cart kon gebeuren. Daar kon je Kammelot van theater Froe Froe [u misschien ook wel bekend van ‘de grote boze wolf show’] ontdekken. Een heel ander soort theater, extravert en met heel wat inbreng van het publiek. De voorstelling  was zeer te smaken, zat leuk in elkaar [zowel de originele interpretatie van het verhaal als de accessoires] en was bij momenten hilarisch. Een mooie afsluiter van een schitterende dag. En dat allemaal voor een fractie van de prijs van wat je voor een voorstelling in de Capitole of zo neertelt.

20110425_supervlieg_lemberge_030

alfred jodocus

Wednesday, 11 May, 2011

Marthe is net terug van drie dagen boerderijklassen. Daar waar Cas nog naar bachten de kuppe trok voor zijn bosklas was het bij Marthe wat bescheidener. Zij trokken te voet naar de vierhoekhoeve in Gijzenzele, een volle 3,4 km van de leefschool. Ik wandelde mee als begeleider en om daar ter plekke de bedjes op te maken.

Aangezien Marijke ons had gedropt op school en daarna met Finn terug naar Scheldewindeke was gereden was ik aangewezen op mijn onderste ledematen om terug thuis te geraken. Een tochtje van een kleine 7 km langs stoffige landwegen, een spoorwegbedding en een overstromingsgebied. Het was toen ik m’n dagelijkse spoorlijn volgde dat ik plots tussen de 2 sporen een gepiep hoorde. Ik merkte een klein pluizig wezentje op dat struikelde over z’n veel te grote zwemvliespoten en dito keien tussen de dwarsliggers. Zonder zich te verzetten liet hij zich door mij optillen. Ik spitste de oren om de moeder te kunnen lokaliseren, maar hoe ik ook luisterde, er was nergens een mama te bespeuren. Er was daar in de directe omgeving ook geen poel of gracht, dus besloot ik m’n metgezel dan maar mee te nemen naar huis. Ik sloot het beestje in m’n handen die ik tot een nestje had gevouwen. Dat was precies wel naar de zin van Alfred, want algauw zat hij te knikkebollen en vielen z’n oogjes dicht. Nog even werd hij opgeschrikt toen een fazantenmama zich, met veel gevoel voor dramatiek, als een gewond dier voor m’n voeten wierp om zo de aandacht van haar jong, dat snel het hazenpad koos in het dichte struikgewas, af te wenden.

Toen ik de serre binnenkwam zat Finn een van z’n tractors te demonteren. ‘Papa’ klonk het, onmiddellijk gevolgd door een opgewonden ‘eenje‘. Het eendje, of correcter, het gansje, liet zich gewillig inspecteren door onze avonturier terwijl Marijke alvast een kartonnen doos ging halen. Het diertje werd op de kast gezet, kreeg een bakje water en een bewaker, want Finn kon niet snel genoeg de trip trap tegen de kast schuiven om zo een goed zicht te hebben over het diertje. ‘Kaka’ klonk het plots en daarna ‘nog kaka’.

20110509_alfred_jodocus_kwak_00220110509_alfred_jodocus_kwak_00320110509_alfred_jodocus_kwak_00620110509_alfred_jodocus_kwak_00820110509_alfred_jodocus_kwak_01220110509_alfred_jodocus_kwak_016

Er moest natuurlijk wel een oplossing gevonden worden voor het diertje. Naar Marijkes thuis, bij de kippen, of aan de beekkant. Naar school bij de kippen. In de tuin, maar met onze poezen in de buurt was dat geen goed idee. Dan toch maar de telefoongids erbij gehaald en het nummer van het Vogelopvangcentrum in Merelbeke opgezocht. ‘Ah, bij ons binnenbrengen, hé’ was het ietwat laconieke antwoord op de vraag wat de beste oplossing zou zijn voor het diertje.

Alfred verhuisde van een open naar een, tijdelijke, gesloten instelling [van de doos op de kast naar een met flapjes afgesloten kartonnen doos voor in de auto] maar werd korte tijd later ‘vrij’ gelaten bij een hoop van zijn soortgenoten die hetzelfde lot beschoren waren. Wanneer hij een fiere gans zal zijn wordt hij vrijgelaten en daar worden wij dan per mail van op de hoogte gebracht. Het Belgisch gerecht kan hier nog wat van leren zou je zo denken.

 

vijgen na pasen

Wednesday, 27 April, 2011

Een uitzonderlijk mooie paasvakantie zit erop. Weinig tijd om de blog bij te werken, wel voor:

  • lenteschoonmaak, alhier ‘grote kuis’ genaamd [met als hoogtepunten: vloeren schuren, houten vloeren zepen, muren en planfonds reinigen, matten verluchten, tuinhuis ‘ontspinnen’, kasten uitkuisen, ramen lappen, …]
  • logeervaliezen inpakken en weer leeghalen
  • chauffeur spelen voor drie kinderen op sportkamp [week 2]
  • vrienden op bezoek en op bezoek bij vrienden
  • hangmat uittesten
  • haren vrij in de wind op de fiets
  • wandelen in het burreken en genieten van fauna en flora*
  • koekjes bakken [en veel deeg proeven]*
  • blij zijn met de opkomst voor het ‘dag van de aarde’-evenement achter in de wijk
  • paashaas spelen en eitjes verstoppen
  • eitjes rapen
  • vergeten eitjes ook oprapen
  • afsluiten met een superleuke ‘supervlieg’-dag in Lemberge*
  • twee dagen later nog wat eitjes oprapen in de tuin

We kunnen dus zeker spreken van een productieve en geslaagde vakantie.

*Hierover later misschien meer.

 

 

zoon van zijn vader

Wednesday, 16 February, 2011

20110112_in_bad_007Blijgezind stapt hij door de dag. Het begint al bij de autorit naar school. Zoals veel jongens is hij verzot op vrachtwagens, kranen en tractoren. Hem hoor je dus niet klagen over de wegenwerken die al maanden aanslepen in het dorp. Vol enthousiasme roept hij iedere morgen vanuit de autostoel: “vawa” [Fins voor vrachtwagen] of “kraan”. Er zijn er weinig die hem ontgaan, het geluid is vaak al genoeg om de pavlovreactie in gang te zetten.

En dan het volgende hoogtepunt van de dag: de kippen van de leefschool. Hij roept al van ver “pikken, pikken”, gaat naar het hek en valt in bewondering op zijn knieën om ze goed te kunnen bekijken. De kippen lijken wel met blij deze welgemeende interesse van onze zoon. Voor de kinderen op school zijn ze niet zo bijzonders meer, maar Finn zit nog in de fase dat zelfs een steentje op de weg aandachtig bekeken en bevoeld moet worden. Soms is dat oponthoud lastig, maar vaak vind ik het gewoon schattig. Ik probeer het te zien als het ideale moment om ook wat meer aandacht te hebben voor alles om me heen. Niet zo evident in onze jachtige tijd.

Na zijn kort rendez-vous met de kippen springt hij op en roept geestdriftig “Bea, Bea, Bea!”. Eigenlijk blijft hij “Bea” zeggen tot we het zebrapad aan school oversteken en richting natuurwinkel stappen. Daar moet hij zijn aandacht verdelen over de tractor die in het speelhoekje staat en het koekje dat hij steevast van Bea krijgt.Wat een teleurstelling op Bea’s sluitingsdag of als mama niets nodig heeft.

En dan de terugweg. Maanden reden we tussen de velden door naar huis omdat onze straat openlag. Eigenlijk was dat wel leuk, want we zagen koeien en paarden, en ook die konden op Finns goedkeuring rekenen. Tot plots een stuk opnieuw berijdbaar is en een andere omweg gevolgd mag worden. Grote consternatie op de achterbank. Wild zwaaiend, luid roepend: “da, da, da!”. Hij dacht wellicht dat ik dement aan het worden was en de weg naar huis niet meer kende. Grappig hoe peuters zo aan routine hechten.

20110112_in_bad_005Wat ook opvalt is hoe kleine gebeurtenissen een grote indruk kunnen nalaten. ‘s Avonds in zijn bed wordt het woordje “pot” [kapot] vaak herhaald. Hoe zou dat nu komen, vraag ik me af. Net als zijn vader destijds [de verhalen over zijn gesneuvelde fietsen komen regelmatig ter sprake bij familiefeesten] heeft Finn behoorlijk wat ‘malchance’ met de dingen rondom hem. Auto’s verliezen zomaar wieltjes, boeken zijn plots gescheurd, het bad vertoont zomaar ineens sporen van een niet zo zacht contact met een metalen voorwerp, speelgoed ‘desintegreert’ ter plekke,… Enkel speelgoed dat de Finn-test doorstaat kunnen we echt degelijk noemen en tot onze grote verbazing is dat niet zo heel erg veel. Al een geluk dat hij de laatste in rij is, onze kleine vandaal. De zorgzaamheid die de anderen aan de dag legden, zit er bij hem blijkbaar niet in. Ja, er is nog werk aan de winkel, maar met zo’n grappige snoet kom je met veel weg, natuurlijk.

Tomte

Sunday, 2 January, 2011

tomte_2Enkele jaren geleden ontleenden we eens uit de plaatselijke bib ‘Tomte Tummetot’, een hartverwarmend winters boek van Astrid Lindgren over een  huiskabouter die ‘s nachts over de bewoners op een boerenerf waakt. Ik herinner me vooral de feeërieke sfeer en de mooie tekeningen. Besneeuwde, weidse landschappen, bossen, enkele boerderijen en een heldere maan, ja, zo stel ik me Zweden in de winter voor. Ik geef toe, bij momenten ben ik een nostalgische ziel.

tomte_1Groot was mijn verbazing toen bleek dat ze dat boek nu helemaal niet meer hebben in de bib. Weg uit de catalogus! Misschien in de kelder gezet of voor een appel en een ei verkocht? Het mag dan ook niet verwonderen dat Lena onder de kerstboom ‘Tomte en de vos’ vond, een tweede boek over diezelfde huiskabouter. Daarin wandelt Mikkel de vos verlekkerd naar het kippenhok, maar dan heeft hij buiten Tomte gerekend. Door zijn granenpap met de vos te delen, redt hij de kippen van een gewisse dood. Een heel eenvoudig en lief verhaal, dat nog steeds aanspreekt, ook al dateert de eerste uitgave van 1967. Sommige kinderboeken zijn gewoon tijdloos of ben ik nu ouderwets?

Een ander mooi winterboek dat onlangs meekwam uit de bib is ‘Meneer eekhoorn en de eerste sneeuw’ van een Sebastian Meschenmoser. Daarin wil de eekhoorn niet beginnen aan zijn winterslaap vooraleer hij de eerste sneeuw gezien heeft. Samen met de beer en de egel wacht hij ongeduldig op die eerste vlok, ook al weet hij van anderen alleen dat die nat, koud en wit zal zijn. Maar de winter laat op zich wachten… Vrij natuurgetrouwe tekeningen, weinig tekst en veel ruimte voor fantasie maken hiervan een origineel winters boek. Om knus bij een warm vuur voor te lezen.

hilariteit in bad

Monday, 20 December, 2010

Cas en Lena zaten samen in bad.

Cas: ‘Lena, hoeveel voeten heeft een aap?’
Lena: ‘2?’
Cas: ‘Nee, geen, een aap loopt op zijn handen. Die heeft geen grote teen, maar een duim.’
Lena: ‘Mijn grote teen lijkt ook wel een beetje op een duim.’
Cas: ‘Ja, logisch, wij waren vroeger apen.’
Ik: ‘Héél lang geleden, hé, Lena.’
Lena: ‘Jij niet meer, mama?’
Ik, met ingehouden lach: ‘Nee, Lena, ik niet.’
Lena: ‘Opa en oma?’
Ik: ‘Nee, Lena, echt héél, héél lang geleden.’
Cas: ‘Lena, zélfs opa Paul was vroeger geen aap!’

Even later

Cas: ‘Mama?’
Ik: ‘Ja?’
Cas: ‘Nee, laat maar, ‘k ga ‘t toch niet zeggen.’
Ik: ‘Waarom niet? Nu maak je mij nieuwsgierig.’
Cas: ‘Oké dan. Wat zijn twee negertjes in een slaapzak?’
Ik: ‘Geen idee.’
Cas: ‘Nen twix.’

Ik lach, maar nog niet voluit. Tot Cas eraan toevoegt:
‘Mama, wat is dat eigenlijk, ‘nen twix’?’

Oorsmeer _ editie 2010

Tuesday, 9 November, 2010

Net als vorig jaar had ik ook dit keer Oorsmeer aangevinkt in m’n virtuele agenda. En net als vorig jaar gingen we, op vraag van de kinderen, met de trein. Zo’n tochtje samen doet de spanning nog wat extra groeien: de trein, het eerste zicht op de boekentoren, het grote, bijna lege station, de zoektocht naar de juiste tram, de tramrit en dan de hoek om naar het operagebouw. Of er dit jaar ook zo’n leuk zoekspelletje zou zijn, wou Lena weten. En ja hoor, ook daar hadden ze aan gedacht. Dit jaar mocht je op zoek naar verschillende geluiden aan de hand van zoekkaartjes. Nog voor de start van onze eerste voorstelling hadden we zeven van de acht opdrachten gevonden, het achtste antwoord stond bij andere deelnemers net iets te groot geschreven om het niet gezien te hebben.

20101107_oorsmeer_2010_040Wagon” stond als eerste geprogrammeerd. Nicolas Rombouts en Joris Caluwaerts combineerden hun grootste hobby’s: muziek en legotreintjes. Op een bijna kinderlijke manier bouwden ze treintjes zo om dat ze als instrumenten konden ingezet worden bij hun composities. Soms solo, soms als begeleiding of als tempobepaler. Het feit dat alles zich afspeelde in een bijna pikdonkere Redoutezaal waar de kinderen op kussentjes vlakbij de treintjes zaten maakte het nog sprookjesachtiger. Soms hadden de treintjes net iets teveel aandacht nodig van de ‘spelers’ waardoor het tempo uit de voorstelling dreigde te raken, maar dat stoorde de kinderen blijkbaar niet. Na een goed half uurtje werd het ‘einde’-wagonnetje aangeklikt en ging het zaallicht heel zachtjes aan. Klaar om te ontwaken uit een eerste muzikale droom.

Lena wou dolgraag nog eens naar de kinderopvang, waar we vorig jaar leuk vertoefden [we hadden toen slechts 2 voorstellingen en meer ‘springuren’], maar dit jaar was het daar heel wat minder. Moeder en dochter [beiden collega boekentorenaars] L. en E. die er vorig jaar iets heel leuks van gemaakt hadden waren er niet en de ruimte zag er op slag een pak minder gemoedelijk uit. Gelukkig hadden we nog genoeg te doen. Op naar de foyer waar we het tweede deel van onze wedstrijd volbrachten: het herkennen van verschillende geluiden via een hoofdtelefoon. Al snel werd het Cas duidelijk dat het om de zelfde geluiden/instrumenten ging als in het eerste deel. Een makkie dus.

We werden vrolijk opgeschrikt door de bende jonge artiesten [zo stond toch op hun badge] van Goeste Majeur. “De Propere Fanfare van de Vieze Gasten”-Junior als het ware: even gedreven, met evenveel overgave en nonchalance, met evenveel lef en passie. We volgden de vrolijke bende naar buiten, naar de Handelsbeurs, want ja, ook Oorsmeer groeit en zwermt uit.

20101107_oorsmeer_2010_046In de concertzaal ontstond een magisch moment: de goeste-spelers kregen plots versterking van de mannen van Balaxy Orchestra en je zag de gastjes groeien van trots. Toen de jamsessie aan zijn eind kwam ging de decibelmeter van de PA nog een standje hoger. De frontvrouw van het ‘orkest’, een echte Italiaanse mama toverde het podium in een mum van tijd om in een speelplaats voor de jongsten. Aanvankelijk zaten ze voor het podium, iets later erop en nog geen nummer later stonden ze allemaal samen te dansen. Zelden zo’n kindvriendelijk optreden meegemaakt.

Het contrast met onze volgende afspraak kon niet groter zijn. In de Lullyzaal van de opera leek wel een of andere ufo neergedaald. Het bamboe-orgel, want dat was het, was imposant, maar nog intrigerender waren de honderden witte heliumballonnen. Tijdens het “fluitconcert” [alle ballonnen waren voorzien van een klein bamboefluitje] werden ze systematisch opgelaten wat resulteerde in een mooi visueel spektakel en een bij wijlen oorverdovend geluid. En toen moest de ufo nog opgestart worden.  ‘Spooky’ is het minste wat je kan zeggen van dat ding. Het vibreerde, pruttelde, brieste, braakte oergeluiden uit, dit alles op aangeven van ruimteveerbestuurder Hans van Koolwijk. [SIC] bracht ons weer onder de mensen met hun 4 saxofonen. Niet het makkelijkste stuk, maar wat mij betreft wel het hoogtepunt.

Daar waar Odegand verdrinkt in zijn succes en bijgevolg nog moeilijk te bezoeken valt samen met de kinderen, slaagt oorsmeer er toch maar weer in om op een originele manier jonge kinderen te laten kennismaken met hedendaagse, traditionele en klassieke muziek, en dit in een zeer aangenaam kader met een leuke sfeer en aan democratische prijzen. Volgend jaar vind je ons er alvast terug, uiteraard met de trein/tram.

20101107_oorsmeer_2010_01120101107_oorsmeer_2010_02620101107_oorsmeer_2010_04120101107_oorsmeer_2010_06720101107_oorsmeer_2010_07920101107_oorsmeer_2010_095