Archive for September, 2010

geluier

Tuesday, 28 September, 2010

Onlangs vroeg een vriendin/collega van Geert, zwanger van haar eerste, om advies over katoenen luiers. Een kolfje naar mijn hand, want een jaar geleden heb ik avonden lang rondgesurfd om de ins en outs van de wasbare luier te leren kennen. Kwestie van er voorbereid aan te beginnen, want er was, zoals u misschien nog wel weet, wat tegenwind. Ik werd door velen half zot verklaard, ja, zelfs Geert stond er weigerachtig tegenover. Maar argumenten genoeg om mijn punt rond te krijgen en toen Finn bijna vier maanden was zijn we overgestapt op ‘echte’ luiers. Nu, een jaar later, heb ik mij die keuze nog steeds niet beklaagd. Integendeel. Had ik geweten dat het zo eenvoudig was, ik had bij de vorige kinderen ook voor dit systeem gekozen. En, geloof het of niet, ook Geert denkt er nu zo over.

storchenkinder_wollhoeschen_rotIk mocht voor F. dus nog eens ‘op prospectie’ op het web om nuttige links door te sturen en handige tips te bundelen. Zo hoeft zij het warme water niet opnieuw uit te vinden. Onderweg sprong er een wollen overbroek in mijn winkelwagentje, om Finns één jaar in katoenen luiers te vieren! En om van alles op de hoogte te zijn, want dat had ik nog niet geprobeerd. Wollen overbroeken vond ik nogal ouderwets en een veel te dik pak om de poep. Maar nu hij ‘s nachts ook katoen draagt [omdat wegwerpluiers ons iedere morgen een natte pyamabroek en een natte trappelzak cadeau gaven], leek het mij vooral lekker warm voor in bed, zeker nu de nachten stilaan frisser worden. Intussen maakte ik als proef zelf een wolbroek uit een te warm gewassen en al wat vervilte trui van Marthe en die heeft de eerste tests goed doorstaan. Wonderbaarlijk dat een kletsnatte luier in een wolbroek niet doorlekt! Slim gezien van dat schaap, zo’n impermeabelke.

En nu is het aan F. om te kijken, vergelijken en kiezen. Maar eigenlijk heeft ze nog een veel sterkere troef achter de hand. Ze kan naaien en kan dus, als ze er op tijd aan begint, haar eigen luiertjes stikken. Wellicht zal de kleine X over vijf maanden de meest zachte en fleurige luiers rond zijn/haar billen krijgen. De bofkont!

Brooddoos

Monday, 27 September, 2010

‘s Morgens tijdens het vullen van de boekentassen.
Cas: “Mama, waarom stop jij nooit eens iets leuks in onze brooddoos?”
Marthe: “Ja, zoals de papa van M. en L. doet.”

brooddoosIk wist even niet wat zeggen. Ik snap wel dat zelfgebakken brood met smeerkaas en confituur [hun eigen keuze, iedere dag opnieuw!] en soms wat tomaatjes of een stuk komkommer niet bepaald spannend is, maar hé, een brooddoos is toch geen surprise box? Maar daar had ik het duidelijk mis, zo bleek toen ik tekst en uitleg kreeg bij hun vraag. G. legt bij M. en L. af en toe briefjes onder het brood met “smakelijk” of “veel plezier op school”. Ik was onmiddellijk vertederd.

Vanaf nu, zo heb ik me voorgenomen, verras ik ze zo nu en dan met een speciale brooddoos, ja, een echte surprise box! Vandaag zit er alvast een hartje in peperkoek tussen de boterhammen verstopt.

dagelijkse kost

Wednesday, 22 September, 2010

Een nieuw tv-seizoen impliceert een aantal nieuwe programma’s. Niks om echt voor thuis te blijven, zo blijkt op het eerste gezicht. Wat me wel verheugt is een nieuwe dagelijkse kookrubriek op Brussel Vlaams. Met tv-koks is het een beetje als met spruitjes: je haat ze of je bent er weg van. Wel, er zijn er velen die ik liever niet uit hun keuken zie komen om het allemaal eens op tv uit te leggen. Vaak zijn ze te grotesk en mismeesteren ze hun producten om dan een armtierig bordje te serveren. Ook wordt alles vaak in een zeer foute format gegoten, denk maar aan 1000 seconden. Dat was nog van voor de tijd van het slow cooking uiteraard, maar toch, wie haalt het in zijn hoofd om van koken een snelheidswedstrijd te maken.

dagelijksekostDat het best ook anders kan bewijst de nieuwe één-kok-van-dienst Jeroen Meus. Die kennen we nog wel van een paar kookrubrieken in zaken als ‘de laatste show’ of JanVerheyens zomers gedrocht ‘Aan tafel’. Hij heeft in een ver verleden ook nog dagelijks gekookt op vtm, in een programma met een al even verwerpelijke naam als decor: ‘Met Meus en vork’. Waar is de taalpolitie als je ze echt nodig hebt? Natuurlijk kennen ‘meerwaardezoekers’ hem van ‘Plat Préféré’ op Canvas, zeker na de rel met het lievelingsgerecht van een hier niet nader genoemde Duitser. Basil Fawlty verkondigde het nochtans al  in 1975: ‘Don’t mention the war’.

Ditmaal houdt hij het veilig: alles is zeer filmisch opgenomen in een zeer huiselijke keuken. Omdat hij het een beetje moeilijk had met de verplichte product placement compenseert hij dit door zodanig veel afleiding te voorzien in zijn keuken dat de producten waar het echt om gaat niet meer opvallen. En als hij er dan toch één in de hand neemt, gaat hij er zo mee te keer dat het moeilijk wordt een merk te herkennen. Dat pleit voor hem. Op de site van één vind je onder zijn rubriek trouwens ook een aantal basisrecepten voor onder andere mayonaise, taartdeeg, groente- en kippenbouillon, dan hoef je die al niet te gaan kopen in de sponsorende winkelketen.

De manier waarop hij zijn eerlijke gerechten klaarmaakt houdt ergens het midden tussen de nonchalance van Jamie Oliver met de sensualiteit van Nigella Lawson. Met zeer eenvoudige technieken tovert hij binnen de kortste keren een uiterst smakelijk ogend gerecht op tafel. Wat me daarbij uitermate positief stemt is zijn keukengerei. Geen fancy Japanse messen, leisteentjes als borden of espumaspuiten. Neen, vaak grijpt hij terug naar keukengerei dat je eerder in grootmoeders keuken zou verwachten. Zo haalt hij zijn verse kruiden met een oude vergietje uit een mooie, antieke serre en  ‘dresseert’ hij zijn eerste gerecht, een pastaschotel, in een heuse bomma-kom.

Zijn uitleg bij het maken van zijn gerecht is doorspekt met leuke weetjes, handige trucjes en hier en daar een sappige anekdote. Je krijgt niet alleen goesting in hetgeen hij klaarmaakt, neen, het begint te kriebelen en je wil eigenlijk zo snel mogelijk zelf de keuken induiken om in de weer te gaan met potten en pannen. Gelukkig zal ik vaak pas de herhaling van het programma zien en op dat tijdstip lonkt de bedstee toch meer dan het keukenaanrecht.

Met dank aan de buurman

Sunday, 19 September, 2010

De natuur is bijzonder gul dit najaar. De noten vallen rijkelijk in het gras, de kweepeer gaat – letterlijk – gebukt onder een overvloed aan vruchten en de druivelaar is enkele weken geleden tijdens een windvlaag naar beneden getuimeld. De ranken zijn zo zwaarbeladen dat de spandraden het niet langer hielden, maar gelukkig bleef de schade aan de trossen beperkt. Het leek dus een fantastisch druivenjaar te worden, maar dat was buiten augustus gerekend. Wanneer zon nodig was om ze te laten rijpen, kregen we frisse dagen, regen en wind. En september is ook niet de beloofde warme nazomermaand. Het gevolg is dat de druivelaar mooie, grote, donkere trossen heeft, maar dat de vruchtjes vrij zuur smaken. Ze zien er lekker uit, maar eigenlijk zijn ze het niet echt.

Jammer natuurlijk, want wat is er leuker dan de kinderen druiven ‘uit eigen kweek’ mee te kunnen geven naar school. Maar aangezien ze voor ‘s middags boterhammen meenemen naar school en daar altijd wel eentje met confituur bij zit, dacht ik eraan om van die druiven gelei te maken. Ik had het nog nooit zelf geproefd, maar internet leerde mij dat daar recepten voor bestaan. En zo veranderde deze namiddag een volle mand druiven in 11 potjes druivengelei.

20100918_druiven_00620100918_druiven_00520100918_druiven_00820100919_druivengelei_00320100919_druivengelei_00420100919_druivengelei_007

Wat heeft buurman T. daarmee te maken? Wel, eigenlijk is het zijn druivelaar die ook naar onze tuin groeit en met zijn goedkeuring tegen de achterkant van zijn schuur geleid wordt. Zo kunnen we met twee gezinnen van de overvloed genieten. Sympathiek, toch?

facebookfeest

Saturday, 18 September, 2010

Het kan soms heel simpel zijn:
J. ‘statust’ dat hij geniet van een zonsondergang in zijn tuin met een frisse Leffe in de hand.
Marijke die opmerkt dat het nog gezelliger zou zijn met een écht streekbiertje.
Tijdens een gesprekje op het verjaardagsfeest van G. krijgt het plan vorm.
Een paar mails reizen door cyberspace en plots wordt alles concreet.
Een ‘band’ wordt gevonden, een tuin aangekleed, de frigo’s gevuld met verrassende lokale biertjes en de tafel gedekt.
Vrienden vinden de weg naar J.’s heerlijke tuinkamer achterin z’n ‘landgoed’.
Het weer zit, na een helse week, enorm mee.
De drank vloeit, de muziek verzacht de zeden, de innerlijke mens wordt gespijsd en iedereen loopt er met een smile rond.
Er wordt gepraat, gelachen, gediscussieerd, onnozel gedaan, geluisterd, gedanst, genoten.

En plots is het al veel te laat. We kijken reikhalzend uit naar een vervolg.

20100911_tuinconcert_jan_20020100911_tuinconcert_jan_20220100911_tuinconcert_jan_16620100911_tuinconcert_jan_04220100911_tuinconcert_jan_02420100911_tuinconcert_jan_020

Een uitgebreider fotoverslag vind je hieronder.

over kamelen, olifanten, muizen en bergen

Friday, 17 September, 2010

aida_01Dankzij de vrijkaarten van Radio 1 kon ik er bij zijn, bij hét media-event van dit moment op theatervlak. NTGent wisselt van baas. De nieuwe heet Wim Opbrouck, en u zal het geweten hebben. Van zodra je één voet binnen zet in het majestueuze gebouw aan het Sint-Baafsplein merk je de stempel van de nieuwe leider. De hal is nu geheel zwart geschilderd en bezaait met de typische Opbrouck tekeningen. Een stijl waar ik wel van hou, maar er wringt iets. De tekeningen zijn te veel vergroot waardoor ze een deel van hun finesse verliezen en een beetje plomp overkomen. Maar niet getreurd, we zijn naar hier gekomen om te genieten. Van brood en spelen. Want voor de aanvang van het stuk mogen we aanschuiven in het Foyer voor een hap. Ook hier is de verfijning die de keuken enkele jaren geleden typeerde wat zoek. Een serieuze zalmmoot, geserveerd op een eiland van wortelpuree en omgeven door een oceaan van boterroomsaus met kringetjes bieslook, als waren het reddingsboeien. Er lagen in een vergeten hoek van het bord ook nog een drietal groene asperges die wellicht voor het kleuraspect moesten zorgen. Geraffineerd was het niet, maar lekker wel, alhoewel iets te zwaar voor een avondmaal.

De koffie zette ons terug op scherp en op weg naar onze gereserveerde plaatsen, op rij F van het tweede middenbalkon. Voor zij die de schouwburg niet kennen: dit zijn plaatsen waar je geen hoogtevrees voor mag hebben. Maar niet getreurd, de zetels zitten comfortabel, het zicht is, lichtjes naar voor buigend, perfect. Vijf minuutjes na het aangekondigde beginuur, je weet hoe dat gaat als een hoop BV’s hun plaats moeten vinden, gaan de zaallichten uit en horen we vanuit het duister het acteurskoor opkomen. Aïda, zo beloofde de artistiek directeur, zou naar zijn hand gezet worden. Het is sowieso niet voor de hand liggend om een opera te ‘vertonelen’. Maar Opbrouck drukt wel heel erg zijn stempel. Hij engageert de hele loonlijst van het NTGent in zijn stuk. Allemaal staan ze op de “bühne”, ze vormen het koor dat de acteurs ondersteunt. En alsof dat nog niet genoeg is, wordt er nog aan toeschouwerparticipatie gedaan ook. Jawel, iedereen mag meezingen, niet zonder een net iets te lange repetitie welteverstaan.

aida_04Het stuk, meneer Opbrouck hoort graag de term ‘theaterproductie’, heeft geen echt verhaal, geen echte personages. Wat zich op en rond het podium afspeelt is bij momenten van een intense, bijna kinderlijke schoonheid, uitgepuurd, soms hilarisch en doorspekt met leuke vondsten. Maar al evenzeer pompeus en somtijds zelfs vervelend. De intendant haalt werkelijk alles uit de kast, een totaal overbodige olifant incluis.

Eigenlijk best een gezellige voorstelling, ware het niet dat er, naar mijn zeer bescheiden en zeer ondeskundige mening, iets schort met de timing. Er wordt opgebouwd naar een climax, inclusief het ‘sing along’ gedeelte waaraan ook wij bijdragen, samen met de acteurs, de muzikanten, de voor de gelegenheid uit Desselgem overgevlogen Leiezonen, de schouwburgmedewerkers. Mooi, krachtig, van een ongeziene samenhorigheid, alles voor de kunst, of is het alles voor Opbrouck? Applaus weerklinkt alom.

Maar dan blijkt dat deze voorstelling toch nog ergens een verhaaltje had dat moest worden afgewerkt. En daar zakt de voorstelling toch even in elkaar. Je kan het publiek niet warm maken voor een samenwerking met een hoog schlagerfestivalgehalte om het vlak daarna tien minuten over te laten aan een monoloog waarvan inhoud noch vorm ook maar enig uitstaans had met al wat we tevoren voorgeschoteld kregen.

aida_05Het eindigt dan ook een beetje in mineur, al doet de goegemeente nog zeer haar best om de handen op elkaar te krijgen en zien we hier en daar wat mensen rechtveren. Dat waren misschien diegenen die wisten dat beneden de drank klaarstond. Gelukkig hadden onze West-Vlaamse vrienden ondertussen buiten verzamelen geblazen en overgoten ze de receptie met de nodige grandeur om te verhullen dat de berg een muis had gebaard.

Ik vrees dat ik een beetje last begin te krijgen van een lichte vorm van “Opbrouck-indigestie”. Hopelijk gaat het snel over.

Balans na drie maanden: 2 vegetariers, 4 flexitariers

Saturday, 4 September, 2010

20100718_carpaccio van rode biet_002Wat een boek allemaal kan teweegbrengen. Na het lezen van ‘dieren eten’ van Jonathan Safran Foer zette ik de stap naar het vegetarisme. De kok kiest wat het volk eet, dus ook het gezin doet – in eerste instantie misschien wat schoorvoetend, maar na verloop van tijd met alsmaar meer enthousiasme – mee. Wie mij goed kent, weet dat dit voor mij niet zo’n grote stap was. Ik heb altijd al veel sympathie gehad voor vegetariërs, maar vond vlees en vis toch iets te lekker om links te laten liggen. Intussen gaat het niet meer alleen om die zielige diertjes die versneden worden tot lapjes biefstuk of kippenbout. De impact van de vleesindustrie en de visserij blijkt fenomenaal groot voor onze planeet. Zelfs wie het geen moer kan schelen wat die dieren te lijden krijgen voor ze op ons bord belanden, kan uit ecologische of economische overwegingen toch besluiten geen vis of vlees meer te eten. Dat het voor je gezondheid ook goed blijkt te zijn, is natuurlijk mooi meegenomen. Vind ik vlees of vis dan plots niet meer lekker? Natuurlijk wel. Mis ik het? Nee, helemaal niet!

20100807_kelder_005Soms krijgen we de vraag wat we dan wèl nog eten. Ergens las ik een ad rem antwoord op deze vraag: gras, zowel gestoomd, gebakken als rauw. Gelukkig is Cas mijn grootste verdediger en treedt hij me bij zulke gesprekken al snel bij door de vraagstellers te verzekeren dat vegetarisch eten heel lekker is. Maar bij de grootouders en bij vriendjes eet hij wel soms vis of vlees, dus strikt genomen is hij flexitariër, net als Marthe, Lena en Geert. Voor mijzelf en Finn [die in deze nog niet echt een stem heeft en voorlopig alles lekker vindt] probeer ik dit te vermijden, al zijn er situaties waarin ook ik een stukje vis moet eten, al was het maar omdat ik niet ‘die moeilijke’ wil zijn.

Maar waarom ook geen vis, vragen sommigen mij? Alsof vissen minder dier zijn dan kippen en koeien. Akkoord, ze hebben geen hoge aaibaarheidsfactor, ze stoten geen massa’s methaan uit en ze verbruiken geen grote hoeveelheden water en graan. Maar de invloed van al dat gevis voor het leven onder water is catastrofaal en de invloed van al het gif dat via de vis uw en mijn lichaam bereikt is ook niet mis. Wie echt wil weten hoe het zit [en daarna wellicht geen vis meer zal eten, u weze gewaarschuwd], moet maar eens ‘Wat is er mis met vis?’ van Dos Winkel lezen. Je valt gewoon achterover. En dan te bedenken dat men nog steeds aangeraden wordt 1 à 2 keer per week vis te eten omdat het gezond is! Net zo min als vlees heeft een mens vis ‘nodig’. Gelukkig maar, denk ik dan.

Maar ik ga misschien te veel de belerende toer op. Genoeg daarover. Wat primeert en mij blijvend motiveert, is dat er zoveel lekkere, creatieve en verrassende vegetarisch recepten bestaan. Al drie maanden probeer ik verschillende keren per week nieuwe gerechten uit en ik heb het gevoel dat we nog nooit zo smaakvol gegeten hebben als de laatste maanden. Lekker, gevarieerd en daarbovenop nog eens gezond. Een win-win situatie dus.