kelderopruiming

Published by on Saturday 14.11.2009 at 20:24 in familiezaken | overpeinzingen

Ik ben een zoon van mijn ouders. En misschien meer nog een kleinzoon van mijn grootouders. Dit resulteert enerzijds in ‘hamstergedrag’ (vaders kant), maar anderzijds ben ik ook gezegend met een gezonde dosis ‘poetsdrang’ (al kan ik die zeer goed verbergen).

Ik verklaar me nader.

Opa Richard was een verzamelaar. Niet van sigarenbandjes of doodsprentjes, neen, eerder van alledaagse dingen zoals randjes van postzegelvelletjes, die hij gebruikte als tipp-ex avant la lettre. Of van lege wijnflessen, die minstens 2 rijen dik en manshoog, ergens achteraan de tuin lagen en waarvan het ‘waarom’ me tot op heden nog steeds niet duidelijk is. Van boeken die hij bij de ‘papierslag’ van een gewisse dood redde door ze te stockeren op zijn donkere zolder. Van Zunligt (Sunlight) zeep die niet per stuk, maar direct per kist werd gekocht.

Ook de kelder van mijn grootouders grossierde in veelheid. De bokalen met gesteriliseerde groenten stonden als bataljons een volgende oorlog op te wachten, terwijl een beenhesp de wacht hield aan het kelderhoofd, geflankeerd door enkele droge worsten. Voor de vrijdagen werd alvast haring opgelegd.

20091113_kelderopruiming_002

En als er dan toch geen nieuwe oorlog uitbreekt, dan kan je onverwachts bezoek toch iets deftigs voorschotelen. Ik proef nog de onderste boontjes uit de zwarte ‘kastrollen’. Bruin en blinkend van de boter waren ze. Of de yoghurt met verse appelsienen uit het netje in de veranda. Eens het netje neigde naar halfweg werd steevast een nieuw meegebracht van de donderdagse markt.

Zo zorgen mijn genen er dus voor dat ook onze kelder wat weg heeft van een voorraadschuur of een kleine Colruyt. Bij ons echter geen ingemaakte groenten. Jammergenoeg hebben we geen moestuin (meer) en beheers ik de kunst van het steriliseren niet. Ik moet me behelpen met het invriezen. Het is algemeen geweten dat ik graag in grote potten roer. Spaghettisaus voor één keer zal je me nooit zien maken. Twee derden van de saus belandt dan ook in de diepvries, ge kunt nooit weten dat er ooit een hongerige familie voor de deur staat.

Onze diepvries dateert echter nog uit de de tijd dat Kyoto een nobele onbekende Japanse stad was. We zeulden hem ooit in Gent de wankele trap op en na de verhuis naar Scheldewindeke doet hij nog steeds wat hij moet doen. Maar hij wordt moe. Zijn deurkes worden broos en hier en daar bemerk je een roestvlekje op zijn huid. Hij begint meer en meer op opa te lijken, die was ook getooid met heel wat ouderdomsvlekjes.

Een tijd geleden besloten we onze trouwe vrieskast in te ruilen voor een moderner, zuiniger en dus ook milieuvriendelijker exemplaar. Maar wat wil nu, alle nieuwe modellen zijn op zijn minst 60cm breed, terwijl onze huidige kelderbewoner het nog deed met 55. Ruimtelijk gezien stelde er zich een probleem in de kelder. Vlak naast de vriezer aan de linkerkant zitten twee opbouw ‘priezen’ en aanpalend aan de rechterkant vind je de afdeling ‘droge voeding’. Die staat netjes op houten rekken die voor de veiligheid toch met een paar stevige vijzen in de muur zijn verankerd. Ruimte maken voor ons Kyoto-model was dus niet zo eenvoudig.

Maar hier komen mijn moeders genen een oplossing aanbieden. Naar jaarlijks traditie wordt ook hier ten huize – net zoals in Wachtebeke, Beervelde of Gent – ‘van grote kuis’ gedaan. Dit jaar zijn we gestart op de zolder en hebben ons zo een weg naar beneden gewerkt. Maar we zijn blijven steken op het gelijkvloers. ‘t Is te zeggen: ik ben blijven steken. Want de kelder, dat is mijn terrein, en dat van een hele kolonie achtpotige diertjes waar Marijke toch niet zo gek op is. Naar het schijnt had ik ergens in de zomer beloofd dat die kelder voor 1 september ook wel zijn beurt zou gehad hebben. Maar kijk, het voederhuisje staat alweer in de tuin, de kachel wordt ‘s avonds terug aangestoken en de kelder stond er nog steeds onaangeroerd bij.

Ik nam dus gisteren een dag verlof, hing een bordje ‘gesloten wegens inventaris’ aan het keldergat en daalde af, gewapend met stofvod, borstel, stofzuiger, zaag, boormachine, pluggen, en wat ‘toernaviezen’. Een hele dag werd er uitgeleegd, gecontroleerd, gepoetst, geschoven, herschikt, afval gesorteerd,… Maar zie, tegen een uur of vier zag de kelder er terug uit als het winkeltje van Octaaf De Bolle.

Laat maar komen, die no-frost vrieskast met energieklasse A+.

No comments yet.

Leave a comment