Axel, Nederland

Published by on Wednesday 15.07.2009 at 0:55 in overpeinzingen

Ik word wakker op een willekeurige zaterdag ergens eind jaren zeventig, begin tachtig. De Tulpenlaan in Wachtebeke, een grensgemeente in Oost-Vlaanderen is het decor. Aan de gisterenavond al gedekte ontbijttafel eten we samen boterhammen met choco en zelfgemaakte confituur. Bruine boterhammen, niet van bij de bakker, dat herinner ik me, maar ik weet niet goed van waar de in cellofaan verpakte sneetjes dan wel kwamen. Niet dat het niet smaakte, met genoeg choco smaakt alles. Op de radio op de vensterbank worstelt Jos Ghysen zich door een ‘te bed of niet te bed’. “Voor acht dagen Lourdes”, je weet wel. Ik vermoed dat het ergens in de herfst is, want het is nog vrij duister buiten en de tl-lichten in de vierkante plafondarmatuur verspreiden hun diffuus, maar sfeerloos licht over de keuken. De koffiezet pruttelt en moet nodig ontkalkt. De wasmachine heeft er z’n eerste draaibeurt al opzitten.

Het leven in het weekend is vrij routineus, wellicht een overblijfsel van mijn vaders militaire opleiding en jaren als beroepsmilitair. Ondertussen werkt hij al sinds m’n broers geboorte bij Sidmar, in ploegen. 2 ploegen, dus de weekends waren voor ons, het gezin. Na het ontbijt wordt de, in mijn gedachten licht goudkleurige, Simca 1100 uit de binnengarage gereden. Ik zit achter mijn moeder. Een radio was er niet en veel gebabbeld werd er ook niet in de auto. Mijn vader concentreerde zich graag in stilte op de weg. Ik merk dat mijn moeder wat heen er weer schuifelt. We rijden langs de Langelede en mijn moeder kan niet zwemmen. Een combinatie die telkens weer voor wat stress zorgde. Maar mijn vader is een krak en zal niet één keer in de gracht rijden. Eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat hij het wel één keer heeft gedaan, maar dat was in de Ardennen en die gracht stond droog.

Het gezin Roels-De Graeve is onderweg voor de wekelijkse inkopen in Axel, Nederland. Ja, eind jaren zeventig stond de gulden goedkoop, zo’n frank of 15 meen ik me te herinneren, en als je dan je inkopen net over de grens kan doen scheelt dat toch. Eerste halte is de “Prijsslag”, een supermarkt waarvan ik me herinner dat ze melk verkochten in fel geribbelde plastic flessen afgesloten met een aluminium scheeltje. Ze hadden er ook lekkere met amandelspijs gevulde rozijnenstollen. Dat ging steevast in de winkelkar en zal morgenochtend de plaats innemen van de chocopot.

Daarna ging het richting markt. Er werden garnalen geproefd, aan elk viskraam, en in die tijd stonden er nogal wat. Op de terugweg werd de beste leverancier beloond met de afname van een kilo ongepelde crevettekes. Goed voor zo’n goeie 330 gram gepeld, als je er tijdens het pellen niet te veel met je pollen aan zat. Andere vis werd er ook gekocht, denk ik toch. Maar geen paling, alhoewel die zeer vakkundig aan het kraam om de hoek van zijn vel werd ontdaan en in de pekelbak werd gegooid. Fruit en groenten werden er ook meegebracht. Niet zo heel veel, want appels en peren haalden we op de baan naar Bomma en in de ‘groentenhof’ werd ook aardig wat geteeld.

Normaal zijn we nog ruim op tijd thuis om voor het middageten van een wellnessmoment te genieten. Zaterdag is baddag. Routine weet je wel. Proper gewassen en gekamd verschijnen we terug aan tafel. Jos heeft ondertussen zijn ‘bij leven en welzijn tot over acht dagen’ al lang achter de rug [heb trouwens nooit begrepen waarom een week in Limburg 8 dagen moest duren] en de keuken wordt gevuld met de Vlaamse top tien. De radio als behang, je kent dat.

Na de afwas trek ik met terug op m’n kamer om de onlangs voor m’n goed rapport gekregen lego een plaats te geven tussen de andere. Als ik de berg lego zie moet ik veel goede rapporten gehad hebben, of het ware dat m’n broer er ook kreeg. Radio Rijswijck begroet ons.

De speelkleren worden geruild voor deftiger tooi. Het is immers tijd voor de mis. De jeugdbijbel zit bij ‘Ons kookboek’, in de derde schuif onder de oven. Uit het witte plastic potje met bloemetje op de voorkant, in de schuif boven de ontbijtkast, wordt een cent meegegraaid. Met z’n drieën nemen we plaats in de rechterzijbeuk, ter hoogte van de voorste biechtstoel. Met z’n drieën, want ons vader zingt mee in het koor en zij zitten recht voor ons, aan de andere kant van de communiebank. Achter het orgel zit de kinesist. Ik kijk al uit naar zijn improvisatie tijdens de communie.

Na het wekelijks kerkbezoek komen thuis de zwan-worstjes met stokbrood en gesneden augurkjes op tafel. De livingtafel ditmaal, want ‘s avonds werd er daar gegeten. Het steelpannetje, de stukken Frans brood in het rieten mandje met onderin een velletje keukenpapier. Ketchup heb ik er bij mijn weten niet weten staan. Mosterd daarentegen wel, vooral voor ons vader. Mosterd bij de worstjes, pickels bij de frietjes.

De afwas is achter de rug, de ontbijttafel voor de zondag staat gedekt, ook in de living, en we trekken ons terug in de zetel. Cocooning avant la lettre. Zoute chips in de donkerhouten kom (de oranje tupperware-pot kwam pas toen ik in het middelbaar zat). De openhaard brandt (ook de inbouwkachel kwam pas later), het is dus zeker herfst. De televisie zonder afstandsbediening strooit Terloops de living in. Jammer dat het geen zomer is, anders konden we nog eens kijken naar het ‘spel zonder grenzen’.

Na ons ‘kruisken’ kruipen we onder de lakens, want ook de donsdekens deden pas later hun intrede. Morgen, zondag, wordt opgefleurd door de stol, frietjes en Jan Van Rompaey. Routine weet je wel.

1 Comment to Axel, Nederland

  1. Axel, Nederland ² @ finn roels says:

    July 15th, 2009 at 10:17 pm

    [...] broer van cas, marthe en lena « Axel, Nederland [...]

Leave a comment